Begrip als grondstof: ontwerp voor pampus

Grondstoffencollectief Nederland gaat over ketens: materialen die circuleren, worden hergebruikt, opnieuw waarde krijgen. Maar de belangrijkste grondstof die we de afgelopen jaren hebben leren herkennen, is geen materiaal. Het is begrip.

Technische transities mislukken niet op de techniek. Ze mislukken wanneer de mensen die ze moeten uitvoeren niet zijn toegerust, en wanneer de mensen die beslissen niet snappen wat er van hen wordt gevraagd. Daarom experimenteert GCN met leerruimtes waarin studenten, professionals, ontwerpers en beleidsmakers samen werken aan echte gebiedsopgaven, zoals de nieuwe wijk Pampus, waar 150 studenten samen met gemeenteambtenaren een ontwerp maakten dat woningbouw en grondstoffentransitie verenigt.

Die lege stoel wordt elders in Nederland al concreter ingevuld. De Ambassade van de Noordzee werkt sinds 2018 aan een route waarin ze eerst leerde luisteren naar de zee, nu spreekt namens de zee, en vanaf 2027 wil gaan onderhandelen namens de zee en het leven daarin. Utrecht benoemde als eerste Nederlandse gemeente een voogd die de belangen van natuur, dieren en milieu vertegenwoordigt. Eijsden-Margraten liet onderzoeken of dat verder kan, en botste op de grens van wat een gemeente juridisch mag: rechtspersoonlijkheid voor natuur kan alleen landelijk geregeld worden, al biedt de Omgevingswet al wel ruimte om natuur zwaarder te laten wegen.

Wat in Pampus gebeurde, sluit daarop aan, alleen dan binnen het ontwerpproces zelf, en niet pas nadat er al beslissingen zijn genomen. Weten wie er ontbreekt aan tafel en hoe je diegene een stem geeft, hoort bij dezelfde competentie als weten hoe je een woningbouwopgave oplost. Het is precies dat soort inzicht dat een leerruimte oplevert en een collegebank niet.

Het resultaat in Pampus was dan ook niet alleen een ontwerp. Het was een groep mensen die elkaars wereld begreep, inclusief het besef dat er belangen aan tafel horen die niemand uit zichzelf vertegenwoordigt. Dat begrip laat zich niet inkopen en niet uitbesteden. Het moet ontstaan, tussen mensen die anders langs elkaar heen hadden gewerkt, en soms langs iets heen dat geen stem heeft.

Precies dat maakt leerruimtes waardevol voor de Human Capital Agenda. Ze laten zien welke competenties de transitie van morgen vraagt, en wie er nog aan tafel moet schuiven, lang voordat het onderwijs daar zelf achter komt.

< Terug naar alle nieuwsberichten